Afslaan naar links of rechts: wie moet je voor laten gaan?
- Wie afslaat, laat op dezelfde weg twee groepen voorgaan: wie hem tegemoet komt en wie naast of dicht achter hem rijdt. Een fietser die rechtdoor gaat, hoort daarbij.
- Sla je linksaf, dan laat je ook tegemoetkomende bestuurders voorgaan die op hetzelfde kruispunt rechtsaf slaan.
- Een tram die afslaat, hoeft het verkeer op dezelfde weg niet voor te laten gaan.
- Voor verkeer van een andere weg gelden de gewone voorrangsregels, zoals verkeerslichten, borden, haaientanden en voorrang van rechts.
- Geef richting aan voordat je afslaat. Je richtingaanwijzer geeft je geen voorrang, ook niet bij groen licht.
De uitleg staat hieronder, met schema’s erbij.
Je wilt rechtsaf en naast je rijdt een fietser rechtdoor. Je richtingaanwijzer staat al aan, maar de fietser gaat toch voor. Bij afslaan gelden andere regels dan bij gewone voorrang.
Wat verandert er zodra je afslaat?
Zodra je afslaat, kruis je het pad van anderen. Sla je rechtsaf, dan kruis je het pad van wie naast je rechtdoor rijdt. Sla je linksaf, dan kruis je de rijstrook van het tegemoetkomende verkeer.
Daarom heeft de wet hier een eigen regel. Bestuurders die afslaan, laten twee groepen voorgaan, allebei op dezelfde weg als zij:
- het verkeer dat hen tegemoet komt;
- het verkeer dat naast hen rijdt, of links of rechts dicht achter hen, bijvoorbeeld een fietser die rechtdoor gaat.
Dezelfde weg is de weg waarop jij rijdt, met de fietspaden en andere paden die erbij horen. Verkeer dat van een andere weg komt, valt hier niet onder. Daarvoor gelden de gewone voorrangsregels.
Sla je een inrit in, dan komt er een regel bij: je laat al het overige verkeer voorgaan, niet alleen de twee groepen hierboven. Dat leer je in de les over uitritten.
Het CBR vraagt je het kruispunt zo te naderen dat de ander erop kan vertrouwen dat je hem laat gaan.
Sla je af zonder dat verkeer voor te laten gaan, dan is de boete voor een bestuurder van een auto € 320, als er niemand gewond is geraakt en er niets is beschadigd. Bij elk bedrag komt nog € 9 administratiekosten.
Wie moet je voor laten gaan als je rechtsaf slaat?
Bij rechtsaf let je vooral op wie rechts van je rijdt: een fietser die rechtdoor gaat, op de fietsstrook (een deel van de rijbaan dat met strepen is afgebakend en waarop fietsen zijn getekend) of op het fietspad, naast je of net achter je. Die gaat voor, ook als je richtingaanwijzer al aan staat.
Een richtingaanwijzer geeft je dus geen voorrang. Hij laat de ander alleen zien wat je gaat doen.

Kijk daarom goed voordat je gaat sturen. Het CBR vraagt je te kijken in je binnenspiegel, naar voren, in je rechterbuitenspiegel en kort over je rechterschouder, terwijl je nog rechtdoor rijdt. Een fietser naast je zie je niet altijd in je spiegel. Kijk je te lang achterom, dan zie je niet meer wat er voor je gebeurt.
Ligt er een fietspad langs de weg, kijk dan ook daar voordat je het kruist. Rijden er fietsers in twee richtingen, dan komt een van hen je tegemoet. Ook hem laat je voorgaan, want het fietspad hoort bij jouw weg. Let daar extra goed op.
Soms buigt het fietspad vlak voor de zijstraat van de weg af en liggen er haaientanden (driehoeken op het wegdek) op het fietspad. Die haaientanden gaan boven de regel voor afslaan: de fietser verleent voorrang aan de bestuurders op de kruisende weg, dus ook aan jou. Volgens het CBR geldt zo’n afgebogen fietspad vaak als een apart kruispunt.

Ook bij groen licht blijft deze regel gelden. Groen betekent doorgaan, voor jou én voor de fietser die rechtdoor gaat, en een licht gaat alleen boven een regel als ze elkaar tegenspreken. Heb jij groen en heeft de fietser ook groen, dan laat je hem dus voorgaan.
Je wilt rechtsaf en je richtingaanwijzer staat aan. Op de fietsstrook naast je rijdt een fietser rechtdoor. Wie gaat eerst?
En als je linksaf slaat?
Bij linksaf kruis je de rijstrook van het tegemoetkomende verkeer. Dat verkeer laat je voorgaan, ook als jij op een voorrangsweg rijdt, een weg met het gele ruitvormige bord: voor afslaan bestaat op een voorrangsweg geen uitzondering. Het maakt niet uit of het een auto, een bromfietser of een fietser is: wie je tegemoetkomt en rechtdoor gaat, laat je voorgaan.
Buigt de voorrangsweg zelf af, wat een onderbord onder het voorrangsbord laat zien, en volg je die bocht? Dan rijd je volgens het CBR rechtdoor en sla je niet af. Verlaat je de voorrangsweg, dan sla je wel af.
Er is nog een groep. Slaat een tegemoetkomende bestuurder op hetzelfde kruispunt rechtsaf, dan laat je hem ook voorgaan. Jullie slaan dan allebei dezelfde zijstraat in en komen op dezelfde plek uit. Wie linksaf slaat, laat de ander dus voorgaan.

Zit jij in de andere auto en sla je rechtsaf, terwijl een tegemoetkomende bestuurder linksaf slaat, dan laat hij jou voorgaan.
Slaat een tegemoetkomende bestuurder op hetzelfde kruispunt ook linksaf, dan rijden jullie volgens het CBR bij voorkeur vóór elkaar langs, tenzij markeringen op de weg iets anders aangeven.
De regels voor afslaan gelden voor alle bestuurders behalve de bestuurder van een tram, dus ook voor fietsers en bromfietsers. Slaat een tegemoetkomende fietser linksaf, dan laat hij jou voorgaan als jij rechtdoor rijdt.
Het CBR vraagt je om vlak voordat je linksaf slaat nog een keer in je linkerbuitenspiegel te kijken. Haalt een bestuurder je links in, dan rijdt hij links naast of dicht achter je en gaat hij ook voor. Heb je links voorgesorteerd en richting aangegeven, dan moet ander verkeer je rechts inhalen.
Het CBR vraagt je ook te kijken in de straat waar je in wilt rijden: haalt daar iemand in, dan komt hij je tegemoet.
Moet je wachten op tegemoetkomend verkeer, dan vraagt het CBR je om je voorwielen zoveel mogelijk recht te houden en zo te staan dat de ander ongehinderd kan doorrijden.
Je wilt linksaf. Een auto komt je tegemoet en rijdt rechtdoor. Wat doe je?
Geldt dit ook voor een tram?
Nee. De regels voor afslaan gelden niet voor een bestuurder van een tram. Een tram die afslaat, hoeft het verkeer op dezelfde weg dus niet voor te laten gaan. Tegelijk verlenen bestuurders op een kruispunt voorrang aan een tram, tenzij een bord, haaientanden of een verkeerslicht iets anders aangeven. Meer daarover leer je in de les over trams, bussen en spoorwegovergangen.
Een tram slaat op een kruispunt af. Moet de tram het verkeer op dezelfde weg voor laten gaan?
Wat doe je met verkeer van een andere weg en met voetgangers?
De regel voor afslaan gaat over verkeer op jouw eigen weg. Komt er iemand van een andere weg, dan gelden de gewone voorrangsregels, in deze volgorde:
- aanwijzingen van bijvoorbeeld een politieagent of verkeersregelaar;
- verkeerslichten;
- een bord of haaientanden;
- anders voorrang van rechts, met de uitzonderingen voor de tram en de onverharde weg.
Neem een zijstraat met haaientanden, waar jij linksaf de voorrangsweg op wilt. Je wacht op het verkeer van de voorrangsweg omdat de haaientanden dat zeggen, niet omdat je afslaat.
Ook voetgangers horen bij het verkeer. Een voetganger die op jouw weg loopt en je tegemoetkomt, of naast of dicht achter je loopt, laat je dus voorgaan als je afslaat, net als een fietser. Voorrang verlenen gaat alleen over bestuurders, maar de regel voor afslaan gaat over al het verkeer.
Ligt er in de straat waar je in rijdt een zebrapad (officieel een voetgangersoversteekplaats), dan laat je voetgangers en bestuurders van een gehandicaptenvoertuig voorgaan die daar oversteken of duidelijk op het punt staan dat te doen. Dat geldt niet als hun voetgangerslicht rood is of geel knippert.
Blinden met een witte stok met een of meer rode ringen en andere mensen die zich moeilijk voortbewegen laat je altijd voorgaan.
Ook zonder zebrapad mag je niemand in gevaar brengen en het verkeer niet hinderen. Daar leer je meer over in de les over voetgangers en het zebrapad.
Wanneer geef je een teken?
Voordat je afslaat, geef je een teken met je richtingaanwijzer of met je arm. Doe dat tijdig.
Geef je geen teken, dan is de boete voor een bestuurder van een auto € 130.
Volgens de wet mag je voorsorteren: tijdig zoveel mogelijk rechts rijden als je rechtsaf wilt, en zoveel mogelijk tegen de wegas, het midden van de weg, als je linksaf wilt. Is de rijbaan alleen voor verkeer in één richting, dan houd je voor linksaf zoveel mogelijk links.
Het CBR vraagt wel om voor te sorteren als je anders een onveilige situatie veroorzaakt of het verkeer ophoudt. Hoe dat werkt, leer je in de les over voorsorteren.
Bepaal bij elke afbeelding eerst wie op je eigen weg rijdt: die laat je voorgaan als je afslaat. Met de herhaalsprint en de quiz hieronder oefen je dat.