Trams, bussen en spoorwegovergangen: wie gaat er voor?
- Op een kruispunt verleen je voorrang aan een tram, ook als hij van links komt. Dat is een uitzondering op voorrang van rechts.
- Langs een stilstaande tram of bus geef je passagiers aan de kant waar ze in- en uitstappen de gelegenheid om dat te doen.
- Binnen de bebouwde kom laat je een bus wegrijden van de halte zodra hij met zijn richtingaanwijzer laat weten dat hij weg wil.
- Je rijdt een overweg alleen op als je direct kunt doorgaan en de overweg helemaal kunt vrijmaken. Een trein gaat altijd voor.
- Wit knipperlicht bij een overweg betekent: er nadert geen trein. Rood knipperlicht betekent: stop.
De uitleg staat hieronder, met de borden erbij.
Je rijdt door de stad en voor je kruisen rails de weg. Verderop zet een bus zijn richtingaanwijzer aan, en later gaan de lichten bij een overweg knipperen. Wie gaat er in die drie situaties voor?
Heeft een tram voorrang, ook als hij van links komt?
Normaal verleen je op een kruispunt voorrang aan wie van rechts komt. Voor de tram geldt dat niet: jij verleent voorrang aan een tram, ook als hij van links komt.

Voorrang verlenen betekent dat de tram ongehinderd kan doorrijden: jij mag hem niet hinderen. Verleen je een tram geen voorrang, dan is de boete voor een autobestuurder € 320.
Zie je een bord, haaientanden of een verkeerslicht dat de voorrang regelt, dan volg je dat. Spreekt een teken een verkeersregel tegen, dan gaat het teken voor. Een verkeerslicht gaat boven borden en haaientanden die de voorrang regelen. De hele volgorde staat in de les over de voorrangsweg en haaientanden.
Twee borden horen bij trams: het waarschuwingsbord Tram(kruising) en het bord Bushalte / tramhalte, dat bij een halte staat.

Wat doe je als er passagiers in- of uitstappen?
Wie een stilstaande tram of bus wil voorbijrijden aan de kant waar passagiers in- en uitstappen, moet hen daartoe de gelegenheid geven. Willen mensen in- of uitstappen, of lopen ze al over de rijbaan, dan wacht je tot ze klaar zijn. Doe je dat niet, dan is de boete voor een autobestuurder € 320.
Het gaat om de kant waar de passagiers in- en uitstappen. Rij je aan de andere kant langs, dan geldt deze regel niet, maar je blijft wel opletten.
Waarom staan er reizigers op de rijbaan? Volgens het CBR ligt een halte soms rechts langs de rijbaan, maar soms ook langs een verkeersheuvel midden op de rijbaan. Dan moeten de reizigers de rijbaan over om bij de tram of bus te komen, of om naar de stoep te lopen. Het CBR merkt op dat ze daarbij vaak haast hebben.

Staan er mensen te wachten bij een halte, ook zonder tram of bus, dan let je goed op. Het CBR verwacht dat je je snelheid aanpast en ruim langs hen rijdt. Rij bij wachtende mensen niet door een plas, of alleen met een lage snelheid. Zo voorkom je dat het water op hen spat.
Een tram staat stil bij een halte op een verkeersheuvel. Reizigers lopen over de rijbaan naar de stoep. Je wilt aan die kant langs. Wat doe je?
Moet je een bus laten wegrijden van de halte?
Normaal moet wie wegrijdt het overige verkeer voor laten gaan. Bij een bus draait die regel om, maar alleen binnen de bebouwde kom.
Daar geef je de bus de gelegenheid om van de halte weg te rijden, zodra de bestuurder met zijn richtingaanwijzer laat weten dat hij dat wil. Zit jij zelf in een militaire colonne of een uitvaartstoet van motorvoertuigen, dan geldt die plicht niet voor jou.

Geef je een bus die gelegenheid niet, dan is de boete voor een autobestuurder € 190.
Buiten de bebouwde kom geldt deze extra regel niet. Daar geldt voor de bus de gewone regel voor wie wegrijdt: het overige verkeer gaat voor. Blijf wel opletten, want je mag nooit gevaar veroorzaken.

Hoe merk je dat de bus wil wegrijden? Aan zijn richtingaanwijzer. Volgens het CBR zie je het vaak al doordat zijn remlichten uitgaan. Het CBR vraagt je ook rekening te houden met de afmetingen van de bus en met de ruimte die hij nodig heeft om de weg op te komen.
Wanneer mag je een overweg oprijden?
Vier borden horen bij een overweg. Overweg met enkel spoor en Overweg met twee of meer sporen zeggen hoeveel sporen er liggen, en met die twee borden herken je de overweg zelf. Overweg met slagbomen en Overweg zonder slagbomen zeggen of er slagbomen staan.
Een overweg zonder slagbomen is minder goed beveiligd: het CBR vraagt dan vooral om je snelheid aan te passen.

Je nadert een overweg en ziet geen trein. Rij je gewoon door? Nog niet. Een overweg ga je alleen op als je direct kunt doorgaan en de overweg helemaal kunt vrijmaken. Kijk dus ook naar wat er achter de rails gebeurt. Is er door een file of kruispunt geen ruimte voor je auto achter de rails? Dan blijf je vóór de overweg staan.

Komt er een trein aan, dan geldt: een spoorvoertuig gaat voor. Je laat het voorgaan en je laat de overweg daarbij helemaal vrij.
Ga je de overweg op terwijl je niet direct kunt doorgaan, of terwijl je de overweg niet helemaal kunt vrijmaken, dan is de boete voor een autobestuurder € 320. Stilstaan op een overweg is sowieso verboden.
Je nadert een overweg. Vlak na de rails ligt een kruispunt waar het verkeerslicht op rood staat. De auto’s staan in een rij tot aan de rails. Er is geen trein te zien. Wat doe je?
Wat betekenen de lichten en tekens bij een overweg?
Bij de lichten van een overweg gelden twee betekenissen:
- wit knipperlicht: er nadert geen trein;
- rood knipperlicht: stop.
Bij rood knipperlicht stop je en wacht je tot het rode licht uit is. Heeft de overweg automatische halve overwegbomen, dan gaat volgens het CBR het rode licht pas uit nadat de bomen helemaal omhoog zijn. Pas daarna rij je verder. Volgens het CBR laat je je niet leiden door andere weggebruikers: jij wacht tot het licht uit is.
Stop je niet voor een rood knipperlicht, dan is de boete voor een autobestuurder € 320.
Soms staat er een begeleider van een railvoertuig (een trein of tram) bij de weg. Geeft hij je een stopteken met een bord, een rode vlag of een rode lamp, dan ben je verplicht te stoppen.
Volgens het CBR heeft elke bewaakte overweg een belsignaal dat je hoort als er een trein nadert. Dat helpt vooral bij dichte mist. Reageer je er op tijd op, dan kun je rustig afremmen.
Bij een overweg knippert een wit licht. Wat betekent dat?
Hoe nader je een overweg veilig?
Een ongeval op een overweg loopt meestal zeer ernstig af, zegt het CBR. Je nadert daarom altijd voorzichtig:
- Kijk vroeg. Let al van ver op de borden. Zo zie je wat voor soort overweg eraan komt.
- Kijk naar links en naar rechts voordat je oprijdt, ook als er lichten zijn. Waarschuwings- en beveiligingsapparatuur kan defect raken.
- Pas je snelheid aan. Rij langzamer bij een overweg met minder goede beveiliging, slecht uitzicht, een oneffen wegdek of een smalle rijbaan.
- Kijk opnieuw als een trein is gepasseerd. Er kan nog een trein uit de andere richting komen.
Het CBR wijst erop dat een lage zon het rode licht van de overweg onzichtbaar kan maken. Kijk dus goed, ook als je geen licht ziet.
Let ook op je motor. Volgens het CBR komt het regelmatig voor dat die op een overweg afslaat, vooral als de overweg op een helling ligt. Laat je auto zoveel mogelijk doorrollen en zorg dat het moeilijkste moment van het wegrijden op enige afstand van de overweg ligt.
Soms staan er bakens met schuine strepen langs de weg. Volgens het CBR staat elke streep voor ongeveer 80 meter tot de overweg. Twee strepen betekenen dus ongeveer 160 meter.
Bij een tram, een bus of een overweg is de vraag steeds wie moet wachten. Zet het vast met de herhaalsprint en toets jezelf daarna met de quiz.
De verkeersborden van deze lesJe geheugensteun: de vorm en de betekenis, vóór de quiz7




Verkeersborden volgens het Nederlandse Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Elk bord wordt uitgelegd in de bijbehorende les in hoofdstuk 2 van de cursus.