Erf (woonerf) en 30 kilometerzone: zo rijd je er volgens de regels
- Op een erf rijd je maximaal 15 km/h, ook als de weg leeg is.
- Voetgangers mogen er de hele breedte van de weg gebruiken. Jij voorkomt gevaar en hinder.
- Je parkeert je auto alleen op aangeduide of aangegeven parkeerplaatsen.
- Rijd je via een uitrit de weg op of via een inrit het erf in, dan laat je het overige verkeer voorgaan, ook voetgangers.
- In een 30 km/h-zone geldt 30 km/h in het hele gebied, tot het bord dat het einde van de zone aangeeft.
Hieronder oefen je het binnenrijden, omgaan met voetgangers, parkeren en weer wegrijden.
Je slaat een woonstraat in en ziet kinderen op straat spelen. Mag je hier 30 rijden, of geldt er iets anders? Kijk bij het binnenrijden welk bord er staat.
Hoe herken je een erf bij het binnenrijden?
Je nadert het bord Erf. Daarmee begint het erf; het bord Einde erf geeft aan waar het ophoudt.

Vanaf het begin rijd je maximaal 15 km/h. Die grens geldt voor alle bestuurders op het erf, ook voor fietsers. Breng je snelheid dus vóór het bord terug. Je wacht niet tot je de eerste voetganger of spelende kinderen ziet.
Rijd je harder dan 15 km/h op een erf, dan kun je een boete krijgen.

Je rijdt een leeg erf in. Welke maximumsnelheid geldt?
Een voetganger loopt midden op de weg: wat doe je?
Voor je loopt iemand met een boodschappentas. Er is ruimte naast de huizen, maar de voetganger gebruikt het midden. Op een erf mogen voetgangers de volle breedte van de weg gebruiken.
Je kunt dus niet verwachten dat iedereen aan de kant blijft. Nader rustig en beoordeel of je zonder gevaar of hinder voorbij kunt. Kan dat niet, dan wacht je.
Ook op een erf houd je zoveel mogelijk rechts. Dat is een verkeersregel voor alle bestuurders. Hoe ver rechts dat kan, hangt volgens het CBR mede af van de inrichting van het erf; kies steeds de plek die in die situatie het meest verantwoord is.
Een voetganger ontwijken betekent dus niet dat je daarna midden op het erf blijft rijden. Ga terug naar rechts zodra dat veilig kan en kijk steeds opnieuw waar je veilig kunt rijden.
Hoe reageer je op spelende kinderen?
Je ziet een kind bij een geparkeerde auto en verderop een bal op straat. Wacht niet tot iemand vlak voor je auto staat. Verminder je snelheid en wees klaar om te stoppen.

Het CBR beschrijft voor een erf dat je voortdurend goed oplet en zo breed en zo ver mogelijk blijft kijken. Alleen de vrije ruimte recht voor de motorkap volgen is dus onvoldoende: een kind kan ook vanaf de zijkant komen.
Doe dat zo:
- Kijk verder het erf in: waar zijn mensen en waar lopen ze naartoe?
- Bekijk ook de zijkanten. Een geparkeerde auto kan een deel van je zicht wegnemen.
- Stem je snelheid af op wat je kunt overzien. Stop zo nodig voordat jouw auto iemand in gevaar brengt.
Een bal op straat betekent vaak dat er een kind achteraan komt. Houd dus ruimte om te reageren.
Een kind loopt jouw rijlijn op, vlak voor je auto. Wat doe je?
Waar mag je de auto parkeren?
Je bent bij het huis van een vriend. Naast de voordeur past je auto, maar er is geen parkeerplaats aangegeven. Dan mag je daar niet parkeren, ook als niemand er last van lijkt te hebben.
Op een erf parkeer je een motorvoertuig alleen op een aangeduide of aangegeven parkeerplaats. Dat geldt dus ook voor jouw auto. Parkeer je buiten zulke plaatsen, dan kun je een boete krijgen. Wat een boete verder kan betekenen, lees je in de les over boetes en rijontzegging.

Zoek dus naar een plek die echt als parkeerplaats herkenbaar is: de wegbeheerder geeft parkeerplaatsen op een erf aan met een tegel met een P in de bestrating of een bord met een P. Dat er al een andere auto naast de huizen staat, bewijst niet dat het daar mag.
Stilstaan is niet altijd parkeren. De tijd die je nodig hebt én gebruikt om iemand onmiddellijk in of uit te laten stappen, of om onmiddellijk te laden of te lossen, telt niet als parkeren. Sta je langer stil dan die tijd, dan parkeer je.
Blijf je met draaiende motor zitten terwijl je vriend nog binnen is? Dan gebruik je die tijd niet voor onmiddellijk instappen: je parkeert. De regel kijkt alleen naar waarvoor je stilstaat. Of de motor draait en of je in de auto blijft, verandert daar niets aan.
Is het erf ook aangeduid als parkeerschijf-zone, dan gelden daar ook de regels voor de parkeerschijf. Bij een blauwe streep leg je de parkeerschijf zichtbaar achter de voorruit en houd je je aan de toegestane parkeerduur. Vermelde dagen of uren bepalen wanneer deze schijfregels gelden.
Hoe je de parkeerschijf instelt en wat er voor een gehandicaptenparkeerplaats geldt, lees je in de les over parkeerborden en parkeerschijf.
Je wacht in je auto op iemand die nog binnen is. Mag dat buiten een parkeerplaats op het erf?
Wie laat je voorgaan bij een inrit of uitrit van het erf?
Binnen het erf gelden de gewone voorrangsregels, zoals voorrang voor bestuurders van rechts op een kruispunt. Het CBR wijst erop dat de voorrang op een erf niet anders geregeld is.
Je bereikt het einde van het erf. Kijk nu naar de aansluiting op de weg. Komt de uitgang van een erf direct uit op een kruisende weg, dan moet die volgens de voorschriften als uitrit zijn aangelegd.
Rijd je via een uitrit de weg op, of via een inrit het erf in? Dan voer je een bijzondere manoeuvre uit. Bij zo'n manoeuvre laat je al het overige verkeer voorgaan.

Dat geldt ook voor voetgangers op het trottoir dat je kruist. Volgens het CBR stop je dan zo dat voetgangers en ander verkeer ongehinderd verder kunnen.
Hoe je een uitrit herkent en het verschil met een kruispunt ziet, lees je in de les over uitritten en onverharde wegen.
Wat verandert als je een 30 km/h-zone binnenrijdt?
Je rijdt binnen de bebouwde kom, het gebied binnen de aangegeven komgrenzen. Je nadert een snelheidsbord met 30 en het woord zone. Dat betekent: 30 km/h geldt voor een heel gebied.

Zonder bord mag je met je auto binnen de bebouwde kom 50 km/h rijden. Een snelheidsbord gaat boven die algemene regel. Rijd dus vanaf het zonebord niet harder dan 30 km/h.

Even verder sla je af. In die straat staat geen nieuw snelheidsbord. Toch blijft 30 km/h gelden: een afslag beëindigt de zone niet. Je hoeft het getal dus niet bij iedere straat opnieuw te zien. Binnen de zone pas je je snelheid wel steeds aan de situatie aan.
Is bij het bord ook aangegeven voor welk gebied de zone geldt, dan geldt het bord in dat gebied. Is dat niet aangegeven, dan geldt het tot de borden die het einde van de zone aanwijzen. Verlaat je de zone binnen de bebouwde kom en staat er geen ander bord, dan geldt voor je auto weer 50 km/h.
Hoe je zoneborden en komborden herkent, lees je in de les over zoneborden en komborden.
Je slaat binnen de 30 km/h-zone af. Er is geen eindebord of andere snelheidsaanduiding. Wat geldt?
Is een 30 km/h-zone hetzelfde als een erf?
Beide kunnen tussen woningen liggen. Toch mag je de regels niet verwisselen. Het zonebord regelt alleen de snelheid en het gebied waarin die geldt. De bijzondere regels van een erf voert het niet in.
Voor voorrang en parkeren blijven in een 30 km/h-zone de gewone regels gelden, tenzij een bord iets anders zegt.
| Waar rijd je? | Snelheid | Voetgangers | Parkeren |
|---|---|---|---|
| Erf | maximaal 15 km/h | de volle breedte van de weg | alleen op aangeduide of aangegeven plaatsen |
| 30 km/h-zone | maximaal 30 km/h | gewone regels | gewone regels |
| Bebouwde kom, geen bord | maximaal 50 km/h voor je auto | gewone regels | gewone regels |
Op een erf mogen voetgangers de volle breedte van de weg gebruiken. Geldt dat ook in elke 30 km/h-zone?
Meer over snelheden staat in de les over de maximumsnelheid, meer over kruispunten in de les over voorrang van rechts. Test jezelf daarna met de herhaalsprint en de quiz.
De verkeersborden van deze lesJe geheugensteun: de vorm en de betekenis, vóór de quiz4


Verkeersborden volgens het Nederlandse Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Elk bord wordt uitgelegd in de bijbehorende les in hoofdstuk 2 van de cursus.