Veilig rijden
Veilig rijden: afstand, aanrijding en milieuzone
Deze pagina gaat over drie onderwerpen: genoeg afstand houden, weten wat je na een aanrijding doet en een milieuzone kunnen lezen. Je ziet ze hier op een rij, met een verwijzing naar de les of de pagina die het onderwerp uitwerkt.
Laatst bijgewerkt op .
Drie situaties die bij veilig rijden horen
Je rijdt achter een andere auto en moet kiezen hoeveel ruimte je laat. Of er gaat toch iets mis en je staat stil op de weg. Of je komt in een stad bij een bord voor een milieuzone en moet weten of je auto erin mag. Op deze pagina loop je ze na, van voorkomen tot afhandelen.
| Situatie | De vraag | Waar je het leest |
|---|---|---|
| Je volgt een ander voertuig | Hoeveel afstand is genoeg? | Het deel Voorkomen op deze pagina en de les Remweg en stopafstand |
| Er is een aanrijding | Wat doe je op de plek zelf? | Kop-staartbotsing en de les Ongeval en eerste hulp |
| Je auto staat stil op de weg | Hoe maak je jezelf zichtbaar? | De les Pech en gevarendriehoek |
| Je rijdt een milieuzone in | Mag jouw auto erin? | Milieuzone check en de les Milieuzones |
Voorkomen: afstand houden en op tijd kunnen stoppen
Een bestuurder moet zijn voertuig kunnen stoppen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover die vrij is. Overzie je maar 40 meter vrije weg, dan moet je binnen die 40 meter kunnen stoppen.
Deze regel noemt geen vaste afstand tot de auto voor je. Een praktische maat komt van het CBR. Het CBR noemt de twee-secondenregel in de Rijprocedure B, een examenprocedure en geen wettekst.
Het CBR noemt de twee-secondenregel als minimum: houd minstens de afstand die je bij je snelheid in twee seconden aflegt. Als vuistregel in meters: ongeveer de helft van je snelheid in kilometers per uur. Rijd je 100 kilometer per uur, dan is dat ongeveer 50 meter. Bij 80 kilometer per uur is het ongeveer 40 meter.
Houd meer afstand achter een voorligger die je zicht belemmert, bij nat weer en als je zelf te dicht wordt gevolgd. Een veelgemaakte fout van andere weggebruikers is te weinig afstand houden tot de voorligger. De les Remweg en stopafstand werkt dit verder uit.
Heb je een beginnersrijbewijs? Als beginner kun je een strafpunt krijgen als je bumperkleeft bij meer dan 80 kilometer per uur. Wat strafpunten voor beginners betekenen, staat op de pagina Strafpunten op je beginnersrijbewijs.
Ook je hoofdsteun hoort bij veilig rijden. Een goed ingestelde hoofdsteun beschermt je nek en hoofd het best bij een aanrijding, vooral bij een kop/staartbotsing. Zit je goed, dan staat de hoofdsteun met de bovenkant op dezelfde hoogte als je hoofd. De pagina Kop-staartbotsing gaat hier verder op in.
Na een aanrijding: wat doe je?
Bij een ernstig ongeval op de snelweg of autoweg geeft Rijkswaterstaat deze volgorde:
- Bel 112.
- Kun je zelf uit de auto komen, ga dan naar een veilige plaats, achter de vangrail of in de berm.
- Gewonden laat je in het voertuig.
- Wacht achter de vangrail of in de berm op hulp.
Zeg aan de telefoon wat er is gebeurd, waar hulp nodig is en of er politie, brandweer of een ambulance nodig lijkt.
Daarnaast zegt de wet:
- Ben je bij een ongeval betrokken en is er iemand gewond of gedood, of is er schade aan een ander, dan mag je de plaats van het ongeval niet verlaten.
- Staat je auto stil en kunnen andere bestuurders hem niet op tijd zien, dan duid je hem aan met een gevarendriehoek. Zet hem goed zichtbaar op de weg, ongeveer 30 meter van de auto, in de richting van het verkeer waarvoor de auto gevaar oplevert.
De uitgebreide versie staat op de pagina Kop-staartbotsing: wat je doet als iemand gewond is, hoe je op de snelweg aangeeft waar je bent en welke tekenen op nek- of wervelletsel wijzen. De lessen Ongeval en eerste hulp en Pech en gevarendriehoek horen erbij.
Kun je na de aanrijding nog weg? Je mag wel weg als de ander ter plaatse heeft kunnen vaststellen wie je bent en welke auto het is. Laat je daardoor een gewonde in hulpeloze toestand achter, dan mag je niet weg.
Milieuzones: eerst het bord, dan je emissieklasse
Het verkeersbord "gesloten vanwege emissie-eisen" geldt voor een milieuzone of een nul-emissiezone. Een milieuzone geldt voor personenauto's, bedrijfsauto's, vrachtauto's en autobussen met een dieselmotor.
Onder het bord van een milieuzone staat een onderbord. Daarop lees je voor welke voertuigen de zone geldt en welke emissieklasse erin mag. Een nul-emissiezone geldt voor bedrijfsauto's en vrachtauto's, behalve emissieloze voertuigen. De regel voor de nul-emissiezone noemt personenauto's dus niet.
Welke auto's er precies in mogen, hangt af van de emissieklasse. De emissieklasse is de klasse van uitstoot van broeikasgassen, verontreinigende gassen en deeltjes van een voertuig. De emissieklasse volgt uit de aanduiding van het uitlaatemissieniveau onder "Milieuclassificatie" in het kentekenregister of op het kentekenbewijs. In het dagelijks gebruik heet dat ook "Euroklasse". Euro 4 is emissieklasse 4. Euro 5 is emissieklasse 5. Euro 6 is emissieklasse 6.
Hoe je het bord en het onderbord leest, wat voor uitzonderingen er zijn en wat een ontheffing is, staat op de pagina Milieuzone check. Wat je voor het examen moet weten, leer je in de les Milieuzones.
Rijd je met een personenauto in strijd met het bord van een milieuzone, dan is het tarief van de sanctie 130 euro volgens de bijlage bij de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv, versie van 1 september 2026). Daar komen administratiekosten bij. Over een verkeersboete in het algemeen lees je meer op de pagina Boete van het CJIB.
Wat vraagt het theorie-examen hiervan?
Voor het theorie-examen moet je de algemene regels kennen voor wat je als bestuurder doet bij ongevallen, zoals de gevarendriehoek en de waarschuwingslichten. Voor je theorie-examen moet je ook milieuaspecten kennen die met het gebruik van het voertuig te maken hebben.
Je slaagt met 44 goede antwoorden van de 50. Hoeveel fouten je mag maken en hoe dat telt, lees je op de pagina Hoeveel fouten mag je maken?
Oefenen kan gratis en zonder account. Het proefexamen heeft 50 vragen en duurt 30 minuten. Wil je eerst één onderwerp herhalen, kies dan een van de 15 tests per hoofdstuk bij Oefenen per hoofdstuk. Het volledige proefexamen staat apart. De borden die bij dit onderwerp horen, vind je in het overzicht van verkeersborden.
De lessen bij dit onderwerp
Deze lessen horen bij veilig rijden. Je kunt ze los van elkaar doen.
- Remweg en stopafstand: de les over hoeveel afstand je auto nodig heeft om stil te staan.
- Dode hoek en zicht: de les over wat je niet ziet en hoe je dat oplost.
- Weer, donker en gladheid: de les over rijden als de omstandigheden slechter worden.
- Vermoeidheid en afleiding: de les over de dingen die je aandacht afleiden.
- Pech en gevarendriehoek en Ongeval en eerste hulp: de lessen over wat je doet als het misgaat.
- Milieuzones en Zuinig rijden: de lessen over milieu en rijgedrag.
Het hele programma staat in het cursusoverzicht.
Veelgestelde vragen
Wat doe je direct na een aanrijding?
Bij een ernstig ongeval op de snelweg of autoweg geeft Rijkswaterstaat deze volgorde: 1. Bel 112. 2. Kun je zelf uit de auto komen, ga dan naar een veilige plaats, achter de vangrail of in de berm. 3. Gewonden laat je in het voertuig. 4. Wacht achter de vangrail of in de berm op hulp. Daarnaast zegt de wet: ben je bij een ongeval betrokken en is er iemand gewond of gedood, of is er schade aan een ander, dan mag je de plaats van het ongeval niet verlaten. Staat je auto stil en kunnen andere bestuurders hem niet op tijd zien, dan duid je hem aan met een gevarendriehoek.
Hoeveel afstand houd je tot de auto voor je?
Het CBR noemt de twee-secondenregel als minimum: houd minstens de afstand die je bij je snelheid in twee seconden aflegt. Als vuistregel in meters: ongeveer de helft van je snelheid in kilometers per uur.
Waar zet je de gevarendriehoek neer?
Zet de gevarendriehoek goed zichtbaar op de weg, ongeveer 30 meter van de auto, in de richting van het verkeer waarvoor de auto gevaar oplevert.
Hoe weet je welke emissieklasse je auto heeft?
De emissieklasse volgt uit de aanduiding van het uitlaatemissieniveau onder "Milieuclassificatie" in het kentekenregister of op het kentekenbewijs. In het dagelijks gebruik heet dat ook "Euroklasse". Euro 4 is emissieklasse 4. Euro 5 is emissieklasse 5. Euro 6 is emissieklasse 6.
Wat is de boete voor een milieuzone met een personenauto?
Rijd je met een personenauto in strijd met het bord van een milieuzone, dan is het tarief van de sanctie 130 euro volgens de bijlage bij de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv, versie van 1 september 2026). Daar komen administratiekosten bij.
Wat moet je voor het theorie-examen weten over ongevallen?
Voor het theorie-examen moet je de algemene regels kennen voor wat je als bestuurder doet bij ongevallen, zoals de gevarendriehoek en de waarschuwingslichten.
Wil je weten of je het snapt? Doe het proefexamen: 50 vragen in 30 minuten, gratis en zonder account.
Proefexamen doenBronnen
De feiten komen uit de officiële teksten en pagina's van de overheid en het CBR. We leggen ze uit in onze eigen woorden; lees ook de officiële pagina's:
- Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, artikel 19 en 58 en bijlage 1 (versie van 1 juli 2026)
- Wegenverkeerswet 1994, artikel 5 en 7 (versie van 1 september 2026)
- Kentekenreglement, artikel 6 en de bijlage (versie van 4 juli 2026)
- Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften, bijlage (versie van 1 september 2026)
- Regeling eisen theorie-examen rijbewijscategorie B, artikel 2 en 3 (versie van 1 april 2026)
- Rijkswaterstaat: ongeval en pech
- Rijksoverheid: wat gebeurt er als ik alarmnummer 112 bel?
- CBR: Rijprocedure B en CBR: rijklaar maken en milieubewust rijgedrag
- Rijksoverheid: welke strafbare feiten tellen mee voor het beginnersrijbewijs?