Naar de inhoud
Gratis

Complete cursus · 100% gratis

De theoriecursus

  • 54 lessen
  • 15 hoofdstukken
  • 7 uur 29 in totaal
  • quizzen met uitleg
Begin met les 1Oefenexamen

Rechts houden: waar op de weg mag jij rijden? · 10 min

Wanneer is je theorie-examen?

Verkeersregels

Verkeersregels in Nederland: overzicht per onderwerp

Wie meedoet in het verkeer, moet de verkeersborden en verkeersregels kennen. In Nederland staan die regels in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, kortweg het RVV 1990. Op deze pagina loop je ze langs per onderwerp. Bij veel onderwerpen zie je een regel als voorbeeld, en bij elk onderwerp de lessen waarin je de hele stof leert.

Laatst bijgewerkt op .

Waar staan de verkeersregels?

De verkeersregels van Nederland staan in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Een overzicht van alle verkeersborden staat in de bijlage bij dat reglement. Hoe het reglement is opgebouwd en waar je de actuele tekst leest, staat op de pagina over het RVV 1990.

De borden en regels zijn er om het verkeer in goede banen te leiden. De wegbeheerders plaatsen de verkeersborden, bijvoorbeeld Rijkswaterstaat voor rijkswegen en de gemeente voor gemeentelijke wegen.

Welke regels moet je kennen voor het theorie-examen?

Voor het theorie-examen moet je artikel 1 tot en met 98 van het RVV 1990 kennen en de bijlagen 1 en 2. Ook de gebruikelijke aanduidingen van de wegbeheerder om het verkeer te geleiden of de weggebruikers te informeren horen bij de examenstof.

Dat is veel tekst. Je kunt de stof ook leren met de lessen op deze site, die de regels uitleggen aan de hand van situaties. De cursus heeft 15 hoofdstukken, en bij elk hoofdstuk hoort een gratis test.

Wat gaat voor: regel, bord of aanwijzing?

Soms zeggen een regel en een bord iets anders. Dan kijk je naar de rangorde. Verkeerstekens gaan boven verkeersregels, als de regel en het teken elkaar tegenspreken. Aanwijzingen gaan boven verkeerstekens en verkeersregels. Verkeerslichten gaan boven verkeerstekens die de voorrang regelen.

Wat verkeerstekens precies zijn en hoe die rangorde werkt, lees je op de pagina over verkeerstekens. Aanwijzingen van de politie en van verkeersregelaars leer je in de les Aanwijzingen van politie en verkeersregelaars.

De verkeersregels per onderwerp

De hoofdstukken hieronder volgen de volgorde van de cursus. Bij de meeste hoofdstukken staat een regel uit het RVV als voorbeeld, zodat je weet waar de lessen over gaan. De uitleg, de situaties en de valkuilen vind je in de lessen zelf.

Hoofdstuk 1: Je plaats op de weg

Bestuurders zijn verplicht zoveel mogelijk rechts te houden. De basisregel is: inhalen gebeurt links. Bestuurders mogen een kruispunt niet blokkeren.

Hoofdstuk 2: Snelheid en afstand

Binnen de bebouwde kom is de maximumsnelheid voor motorvoertuigen 50 kilometer per uur, tenzij een bord iets anders zegt. Buiten de bebouwde kom hangt de maximumsnelheid af van het soort weg: autosnelweg, autoweg of een andere weg. Je moet je voertuig tot stilstand kunnen brengen binnen de afstand waarover je de weg kunt overzien en waarover die vrij is.

Hoofdstuk 3: Stilstaan en parkeren

Je mag je voertuig niet laten stilstaan op een kruispunt of een overweg. Parkeren mag niet op minder dan vijf meter van een kruispunt en niet voor een inrit of een uitrit.

Hoofdstuk 4: Voorrang op kruispunten

Op kruispunten verlenen bestuurders voorrang aan bestuurders die van rechts komen, tenzij een bord iets anders zegt. Daarnaast zijn er twee uitzonderingen: wie op een onverharde weg rijdt, verleent voorrang aan bestuurders op een verharde weg, en bestuurders verlenen voorrang aan bestuurders van een tram.

Hoofdstuk 5: Voor laten gaan

Je moet voetgangers die op een voetgangersoversteekplaats oversteken of bijna gaan oversteken voor laten gaan. Bij afslaan, bij voorrangsvoertuigen en bij tram, bus en overweg gelden eigen regels.

Hoofdstuk 6: Autosnelweg, autoweg en tunnel

Op de autosnelweg mag je alleen rijden met een motorvoertuig waarmee je minstens 60 kilometer per uur mag en kan rijden. In dit hoofdstuk leer je ook wat de matrixborden van je vragen en hoe je je gedraagt in een tunnel.

Hoofdstuk 7: Erf, fietsers, brommers en manoeuvres

Dit hoofdstuk gaat over weggedeelten en weggebruikers waar eigen regels voor gelden, en over manoeuvres als keren en achteruitrijden.

Hoofdstuk 8: Lichten en signalen

In het RVV begint de paragraaf over het gebruik van lichten tijdens het rijden bij artikel 32. De lessen laten zien wanneer je welk licht gebruikt en hoe je anderen laat weten wat je gaat doen.

Hoofdstuk 9: Veilig in de auto en bij pech

Hier leer je wat je doet met gordel en kinderzitje, bij pech onderweg en na een ongeval.

Hoofdstuk 10: Verkeersborden

De borden met een gebod, een verbod of een adviessnelheid staan in bijlage 1 onder de letters A tot en met H, de waarschuwingsborden onder de letter J. Alle borden met hun officiële naam vind je in het overzicht van alle verkeersborden. Een paar borden en bordsoorten hebben een eigen pagina: het snelheidsbord, de eenrichtingsweg, de fietsborden, de voetgangersborden, werk in uitvoering en de onderborden.

Hoofdstuk 11: Verkeerslichten, strepen en aanwijzingen

Bij een driekleurig verkeerslicht betekent rood licht: stop. Wat de andere lichten, de strepen op de weg en de gebaren van de politie van je vragen, leer je in deze drie lessen.

Hoofdstuk 12: Jij als bestuurder

Je eigen gedrag is een deel van de stof: wat je drinkt of slikt, hoe moe je bent, wie je in het verkeer extra moet ontzien en waar je naar kijkt.

Hoofdstuk 13: Weer, milieu en techniek

In het RVV heet het deel over milieuzones "hoofdstuk VB: Milieuzones en nul-emissiezones". Naast de zones leer je hier hoe je je rijgedrag aanpast aan het weer en wat rijhulpsystemen doen.

Hoofdstuk 14: Rijbewijs en wetgeving

Hier gaat het om de regels rond je rijbewijs, je auto en de gevolgen van een overtreding.

Hoofdstuk 15: Je auto kennen

Het laatste hoofdstuk gaat over de techniek van de auto: wat je moet kunnen herkennen aan banden, remmen, verlichting en lading.

Zo leer je de verkeersregels

Leer de regels per hoofdstuk en niet alles tegelijk. Lees eerst de les, doe daarna de oefenvragen in de les en kijk wat je nog niet weet.

  1. Lees de les. Je leert de regel aan de hand van een situatie, met de borden erbij.
  2. Maak de test van het hoofdstuk. Je krijgt 25 vragen uit de lessen van dat hoofdstuk, zonder tijdslimiet en met uitleg. Alle tests staan op de pagina oefenen per hoofdstuk.
  3. Herhaal wat misging. Open de les bij een fout antwoord en probeer de regel in je eigen woorden uit te leggen.
  4. Doe een proefexamen. Het proefexamen heeft 50 vragen in 30 minuten en je hebt 44 goede antwoorden nodig. Je vindt het op de pagina gratis theorie-examen oefenen.

Zijn de borden je zwakke punt, doe dan de test over verkeersborden.

Veelgestelde vragen over de verkeersregels

Waar staan de verkeersregels van Nederland?

De verkeersregels staan in het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990). Een overzicht van alle verkeersborden staat in de bijlage bij dat reglement. Je leest de tekst op wetten.overheid.nl.

Welke verkeersregels moet je kennen voor het theorie-examen?

Voor het theorie-examen moet je artikel 1 tot en met 98 van het RVV 1990 kennen en de bijlagen 1 en 2. Ook de gebruikelijke aanduidingen van de wegbeheerder om het verkeer te geleiden of de weggebruikers te informeren horen bij de examenstof.

Wat gaat voor: een verkeersbord of een verkeersregel?

Verkeerstekens gaan boven verkeersregels, als de regel en het teken elkaar tegenspreken. Aanwijzingen gaan boven verkeerstekens en verkeersregels. Verkeerslichten gaan boven verkeerstekens die de voorrang regelen.

Wie plaatst de verkeersborden?

De wegbeheerders plaatsen de verkeersborden, bijvoorbeeld Rijkswaterstaat voor rijkswegen en de gemeente voor gemeentelijke wegen.

Wat zijn de belangrijkste verkeersregels?

Voor het examen telt de hele stof van artikel 1 tot en met 98 van het RVV 1990 en de bijlagen 1 en 2. Een rangorde van belangrijkste regels geven we niet, want de hele stof telt. Begin bij het eerste hoofdstuk van de cursus en werk de lessen één voor één door.

Hoe kun je de verkeersregels oefenen?

Per hoofdstuk van de cursus is er een gratis test met 25 vragen, zonder tijdslimiet en met uitleg. Daarnaast is er een proefexamen met 50 vragen in 30 minuten, waarvoor je 44 goede antwoorden nodig hebt.

Wil je de verkeersregels echt leren? Begin bij het eerste hoofdstuk en werk de lessen één voor één door.

Naar alle lessen

Bronnen bij de verkeersregels