Praktijkexamen auto
Bijzondere verrichtingen: wat je moet kunnen voor je rijexamen
Je krijgt een opdracht voor een bijzondere verrichting, zoals parkeren, keren of achteruitrijden. Hoe pak je die aan terwijl er ook ander verkeer is? Theorie Rijbewijs is geen website van het CBR.
Laatst bijgewerkt op .
Wat vraagt het CBR?
- Zonder vrijstelling doe je twee bijzondere verrichtingen, naast instappen, uitstappen en de voorbereiding.
- Bij minimaal één daarvan rijd je achteruit.
- Je kiest zelf een geschikte plek voor de gegeven opdracht.
- Je houdt de auto onder controle en blijft het verkeer volgen.
- Je laat alle anderen eerst gaan, ook als ze vanuit een andere richting komen.
Officiële uitleg: zo verloopt het praktijkexamen bij het CBR.
We bespreken de bijzondere verrichtingen volgens de Rijprocedure B van het CBR (versie 1 januari 2024). Oefen de uitvoering met je rijinstructeur; deze uitleg vervangt je rijlessen niet.
Hoe krijg je de opdracht?

De examinator vertelt precies welke verrichting je moet uitvoeren, in een straat of op een parkeerterrein.
Daarna bepaal jij de plaats: zoek genoeg ruimte en voldoende overzicht.
Tijdens de uitvoering blijven de bediening van de auto, het tempo en het letten op anderen jouw verantwoordelijkheid.
Een tip die veel leerlingen helpt: verwoord tijdens je rijles kort welke opdracht je gaat uitvoeren en waarom je die plek kiest. Zo kun je je keuze met je instructeur bespreken.
Welke negen bijzondere verrichtingen zijn er?
Onderdeel 3.7 noemt negen verrichtingen; instappen en uitstappen vormen samen één daarvan.
Kies een les voor de precieze uitvoering.
| Verrichting | Wat oefen je? |
|---|---|
| In- en uitstappen | Veilig de auto in en uit gaan, zonder de deur onnodig open te houden. |
| Voorbereiden en controleren | De auto binnen en buiten nalopen en de belangrijkste bediening kennen. |
| Recht achteruitrijden | Ongeveer 20 meter terugrijden, vrijwel parallel aan de rand van de rijbaan. |
| Een bocht achteruitrijden | Achteruit de bocht volgen met ongeveer dezelfde afstand tot de rechterrand. |
| Haaks of schuin parkeren | Vooruit of achteruit een parkeervak in rijden, links of rechts van de weg. |
| Fileparkeren | Vooruit vóór een andere auto parkeren of achteruit achter die auto parkeren. |
| Keren door te steken | De rijrichting omdraaien met één achterwaartse beweging. |
| Keren met een halve draai | In één keer draaien binnen de ruimte die beschikbaar is. |
| Hellingproef | Op een helling stoppen en vertrekken, zonder wegrollen of afslaan. |
Van kijken naar uitvoeren: de vaste aanpak

Blijf vóór én tijdens de beweging kijken; een achteruitrijcamera is alleen een aanvulling.
- Beoordeel de ruimte en het zicht voordat je de plek gebruikt.
- Controleer met je spiegels én door over je schouder te kijken of de beweging veilig kan.
- Bedien gas, koppeling en rem zorgvuldig en stuur op tijd, met aandacht voor de afmetingen van je auto.
- Maak de beweging zo vloeiend mogelijk; onderbreek haar niet zonder reden.
Bij recht achteruitrijden begin je rechts met voldoende afstand tot de rand en met rechte wielen.
Rijd langzaam terug en houd je koers met kleine stuurcorrecties ongeveer parallel aan die rand.
Bij achteruit een vak in parkeren rijd je langzaam tot het punt waarop je vlot kunt insturen om helemaal in het vak te eindigen.
De volledige stappen staan bij achteruitrijden en parkeren.
Welke eisen gelden daarnaast steeds?
Naast kijken en beheersing gelden ook deze eisen: tempo, rekening houden met anderen en anderen laten voorgaan.
- Aangepast en besluitvaardig: werk rustig door, zodat je anderen niet door onnodige traagheid langer ophoudt.
- Belangen van anderen: beoordeel vooraf en onderweg of je niet meer hinder veroorzaakt dan nodig is.
- Voor laten gaan: geef iedereen de gelegenheid om eerst te gaan, ongeacht de naderingsrichting.
Niet alleen naar het parkeervak kijken
Het beoordelen van de veiligheid houdt niet op zodra je begint te sturen.
Een tip die veel leerlingen helpt: oefen dezelfde verrichting op verschillende plekken en bespreek telkens wat er om je auto gebeurde.
Wanneer noemt het CBR een verrichting afwijkend?
Een verkeerde eindpositie kan als afwijkend gelden, maar ook de manier waarop je beweegt telt mee.
Voorbeelden uit de beoordeling van het CBR:
- Recht achteruitrijden: te ver afwijken van een rechte koers.
- Een bocht achteruitrijden: eindigen op de andere weghelft.
- Vakparkeren: na afloop met een deel van de auto in het vak ernaast staan.
- Fileparkeren: niet kort achter of niet zo dicht mogelijk vóór de andere auto staan, of niet voldoende aan de kant van de rijbaan.
- Steken: op een voldoende brede straat niet op de voorgeschreven manier kunnen keren.
- Een halve draai: niet in één beweging kunnen keren of de draai schokkerig uitvoeren.
Corrigeren bij parkeren mag, zowel in een vak als bij fileparkeren.
Een afwijking vertelt niet op zichzelf de volledige examenuitslag: bij het eindoordeel telt het totaalbeeld van de rit.
Welke fouten wil je tijdens je rijles herkennen?
Let vooral op kijkgedrag en onnodige hinder, naast de eindpositie.
- Alleen de camera volgen: je moet ook spiegels gebruiken en over je schouder kijken.
- Zonder reden steeds stoppen: voer de beweging waar mogelijk vloeiend uit.
- Een plek met te weinig overzicht kiezen: er moeten genoeg zicht en ruimte zijn.
Vrijstelling via de tussentijdse toets
Met een goede uitvoering tijdens de tussentijdse toets kun je vrijstelling krijgen voor bijzondere verrichtingen.
De examinator toetst dat onderdeel dan niet opnieuw tijdens je praktijkexamen.
Voor de rest van de rit en de voorbereiding zie je het overzicht van het praktijkexamen auto.
Veelgestelde vragen
Moet ik alle negen bijzondere verrichtingen op mijn examen doen?
Nee. Zonder vrijstelling krijg je naast in- en uitstappen en de voorbereiding twee verrichtingen, waarvan minimaal één met achteruitrijden.
Telt een hellingproef onderweg mee?
Ja, een voldoende uitgevoerde hellingproef tijdens de rit kan meetellen als één van de twee verplichte verrichtingen. Er blijft dan één andere verrichting over.
Wat betekent een hellingproef in parcours?
Je moet door de verkeerssituatie stoppen op een helling. Bij een hellingproef in opdracht vraagt de examinator om die stop, ook als het verkeer dat niet nodig maakt.
Mag ik opnieuw insturen als het parkeren niet meteen lukt?
Ja. Bij vakparkeren en fileparkeren mag je je positie corrigeren als je niet meteen goed in de gekozen ruimte uitkomt.
Mag ik de achteruitrijcamera of automatisch parkeren gebruiken?
De camera mag je kijkgedrag ondersteunen. Zelf in de spiegels en over je schouder kijken blijft nodig. Een automatisch inparkeersysteem is bij deze oefeningen tijdens een toets of praktijkexamen niet toegestaan.
Bronnen
- CBR: Rijprocedure B, versie 1 januari 2024, onderdeel 3.7 en de beoordeling daarvan.
- CBR: Hoe gaat het praktijkexamen auto?